Libellen verdwijnen in hoog tempo. Telling in Súdwest-Fryslân moet meer duidelijkheid geven
3 min gelezen
Foto: Koen Verhoogt
SUDWEST-FRYSLAN – Hoeveel libellen er nog voorkomen in de tuinen en waterkanten in Súdwest-Fryslân is voor onderzoekers nog grotendeels onbekend. Komende weekend moet daar verandering in komen. De Vlinderstichting roept inwoners op om dit weekend een kwartier lang libellen te tellen in de eigen tuin of bij een sloot.
De oproep komt niet uit de lucht vallen. Veel libellensoorten hebben het moeilijk. Zelfs populaties die tot voor kort nog algemeen voorkwamen, nemen in rap tempo af. De blijkt uit de zogenaamde Rode Lijst die onlangs door de rijksoverheid is gepubliceerd. Daarin staat dat van de 69 onderzochte inheemse libellensoorten er 23 soorten zijn verdwenen of dreigen te verdwijnen. Oorzaken hiervoor zijn onder andere achteruitgang van de waterkwaliteit, hoge stikstofuitstoot, bestrijdingsmiddelen en klimaatverandering.
‘We maken ons zorgen over de gewone soorten’
Hoewel er via het landelijke meetnet veel tellingen worden gedaan in bekende Friese natuurgebieden zoals De Alde Feanen en de Grutte Wielen ontbreken gegevens uit het zuidwesten van de provincie.
“Juist in Súdwest-Fryslân hebben we weinig informatie,” zegt projectleider Roy van Grunsven van de Vlinderstichting, die de telling organiseert. “Omdat we ons ook zorgen maken over de gewone soorten, willen we specifiek meer informatie over de normale tuinen en sloten.”
Een lichtpuntje voor het noorden van het land is de afwezigheid van de rode Amerikaanse rivierkreeft, een exoot die in het westen van Nederland waterplanten opeet en daarmee het leefgebied van libellen verwoest. Toch nemen ook in Friesland de aantallen van de meest algemene waterjuffers af, wat de noodzaak voor de tuintelling vergroot.

Sloten en oevers belangrijker dan grote meren
“Wie aan Súdwest-Fryslân denkt, denkt al snel aan het vele water en de grote meren.” Toch zijn dat volgens De Vlinderstichting niet de plekken waar je de meeste libellen vindt.
“Grote meren zijn niet heel interessant voor libellen,” legt Van Grunsven uit. “Ze komen vooral voor in de oeverzone en in kleinere wateren met waterplanten, inclusief sloten. Daarvan zijn er in Súdwest-Fryslân heel veel, in de omgeving van vrijwel elke tuin.”
Een bijzondere soort die hier relatief veel rondvliegt is de variabele waterjuffer. Dit is een sierlijke, blauw met zwarte juffer. Hoewel deze in de veen- en kleigebieden van Nederland nog behoorlijk aanwezig is, staat het diertje in omringende landen op de Rode Lijst en is het internationaal gezien een zeldzaamheid.
De vroege glazenmaker is bezig aan een opmars
Naast de juffers is de kans groot dat inwoners dit weekend de vroege glazenmaker door de tuin zien vliegen. Dit is een grote, lichtbruine libel met opvallende groene ogen. Door klimaatverandering en aangepast oeverbeheer met meer riet en lisdodde, neemt deze soort in Nederland juist toe. Van Grunsven verwacht dat deze grote libelle ook bij veel tuinvijvers in Súdwest-Fryslân zal opduiken.
📋 Meedoen in 4 korte stappen:
- Wanneer: Kies een zonnig moment op 5, 6 of 7 juni.
- Wat: Tel 15 minuten lang libellen in je tuin of bij de sloot.
- Hoe: Noteer per soort het hoogste aantal dat je tegelijk zag.
- Doorgeven: Vul je resultaten in op http://Tuintelling.nl .
